Gebruiker:
Wachtwoord:
Log in

Augustus 2006 - BTW voor goederen in gemengd gebruik

Dr. J.H.M. Arts

In DGA fiscaal van september 2005 vindt u een bijdrage over het arrest Charles-Tijmens van het Eu-ropese Hof van Justitie van 14 juli 2005. In dit arrest heeft het Europese Hof van Justitie beslist dat de Nederlandse regeling inzake de aftrek van btw voor goederen in gemengd gebruik niet in overeen-stemming is met de Europese btw-regelgeving.

De verwachting was dat de Nederlandse wetgever na het arrest snel met een voorstel tot aanpassing van de btw-wetgeving zou komen. Echter, pas in het Belastingplan 2007, dat met Prinsjesdag bekend is gemaakt, is een voorstel voor een andere regeling van de heffing van btw voor goederen in gemengd gebruik opgenomen.

Huidige regeling
De Nederlandse regeling tot nu toe is dat een ondernemer op het moment dat hij goederen aanschaft, slechts recht op aftrek van de hem in rekening gebrachte btw heeft voorzover hij die goederen in het kader van zijn onderneming gaat gebruiken. Voorzover hij goederen voor privé-doeleinden gaat ge-bruiken, heeft hij geen recht op aftrek. Neemt de ondernemer de goederen pas op een later tijdstip in gebruik en wijkt de bestemming ervan dan af van die op het moment van aanschaf, dan wordt de af-trek nog herrekend overeenkomstig de latere bestemming. Dit kan zich met name voordoen bij de aanschaf van onroerende zaken die niet onmiddellijk in gebruik genomen worden.

Charles-Tijmens
Volgens het arrest Charles-Tijmens is dit systeem niet in overeenstemming met de Europese Zesde Richtlijn BTW. Het Europese Hof van Justitie besliste in dit arrest dat een btw-ondernemer op grond van de richtlijn voor goederen in gemengd gebruik die hij aanschaft met btw, de mogelijkheid moet hebben tot etikettering. Hij moet desgewenst de goederen voor de btw geheel als ondernemingsver-mogen, geheel als privé-vermogen of gedeeltelijk als privé en gedeeltelijk als ondernemingsvermogen kunnen etiketteren. In het eerste geval krijgt hij, als hij uitsluitend belaste prestaties verricht, volledig recht op aftrek van de in rekening gebrachte btw, in het tweede geval heeft hij geen recht op aftrek en in het derde geval heeft hij recht op aftrek naar verhouding van het gebruik van het goed voor de on-derneming.

Introductie keuzerecht
Deze keuzemogelijkheid wordt nu volgens het voorstel in het Belastingplan 2007 in de Nederlandse btw-wetgeving geïntroduceerd. De keuze voor een etikettering als ondernemingsvermogen brengt mee dat dan van jaar tot jaar over de waarde van het privé-gebruik btw moet worden betaald. Die waarde wordt gesteld op een met het privé-gebruik corresponderend gedeelte van de aanschaffings-kosten van het goed. De heffing over het privé-gebruik geschiedt voor investeringsgoederen over de-zelfde periode als die waarin de afgetrokken btw in verband met gebruik voor belaste en vrijgestelde prestaties kan worden herzien. De btw ter zake van het privé-gebruik wordt eenmaal per jaar aan het einde van het jaar verschuldigd.

Voorbeeld nieuwe regeling
Een dga laat een huis bouwen waarin zich een werkruimte bevindt die hij aan zijn BV verhuurt. De rest van het huis bewoont hij zelf. De verhuur van de werkruimte is voor de btw belast. De werkruimte be-slaat 25% van de totale oppervlakte van het pand. De bouwkosten, exclusief btw, bedragen €400.000. De btw bedraagt dan: 19% x €400.000 = €76.000.
Kiest de dga ervoor om het pand volledig als ondernemingsvermogen te etiketteren, dan kan hij de btw ter zake van de bouw volledig aftrekken. Hij moet dan gedurende 10 jaar – dit is de herzienings-periode voor onroerende zaken – elk jaar ter zake van het privé-gebruik btw betalen. Die btw is gelijk aan:19% x 1/10 x 75% x €400.000 = €5700.

Ingangsdatum
De nieuwe regeling gaat vanaf 2007 gelden. Wie vóór 2007 op de voet van het arrest Charles-Tijmens de voor een goed in gemengd gebruik in rekening gebrachte btw heeft afgetrokken, valt vanaf 2007 onder de nieuwe regeling. Hij zal dan ter zake van het privé-gebruik nog btw moeten voldoen over de voor het goed resterende herzieningsperiode.

De nieuwe regeling wordt ook van toepassing op goederen in gemengd gebruik die een ondernemer aanschaft voor zijn personeel zonder dat dit voor het privé-gebruik een vergoeding behoeft te betalen. Hiervoor geldt nu het Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting (BUA). Dit is daarom vanaf 2007 niet langer van toepassing voor die gevallen.