Gebruiker:
Wachtwoord:
Log in

November 2009 - Nabestaandenpensioen in een BV

Nabestaandenpensioen in een BV
R. Goedhart

In DGA Fiscaal van juli dit jaar beschreven we dat veel Nederlanders niet (goed) op de hoogte zijn van het nabestaandenpensioen. Ze weten niet of er iets geregeld is als iemand in hun huishouden komt te overlijden en zo ze het wel weten, is het vaak onbekend hoeveel dat zal zijn.

Pensioen binnen BV
Ook DGA’s weten vaak niet hoe het pensioen precies is geregeld binnen ‘hun’ BV. De accountant zet meestal wel een bedrag op de balans waar het woord ‘pensioenvoorziening’ voor staat, maar doorgaans wordt dat gedaan omdat het fiscaal zo aardig is. De jaarlijkse toename van die voorziening leidt tot verlaging van de winst en dus tot belastingbesparing.

Om het formeel kloppend te maken wil de belastinginspecteur wel een ‘pensioenbrief’ zien, waarin staat welk pensioen de BV aan de werknemer – tevens DGA – heeft toegezegd. Als de BV reserveert voor pensioen vanaf (stel) de 65-jarige leeftijd, kan het voor de fiscale besparing verstandig lijken om de BV ook een nabestaandenpensioen te laten verzorgen. Het bedrag dat op de pensioendatum nodig is, is in dat geval hoger dan wanneer er alleen voor een ouderdomspensioen wordt gereserveerd. Maar let op! De BV verplicht zich dan wel om het nabestaandenpensioen ook daadwerkelijk te verzorgen als de DGA komt te overlijden.

Bij ‘gewone’ werknemers is het gebruikelijk dat een werkgever niet alleen een nabestaandenpensioen regelt bij het overlijden van de werknemer ná pensioendatum, maar ook bij overlijden daarvoor. In pensioenbrieven van DGA’s staat dit doorgaans ook vermeld. Dat kan vervelende gevolgen hebben voor de liquiditeit en solvabiliteit van de BV als de DGA inderdaad voor de pensioendatum overlijdt.

Een voorbeeld
De balans van een BV vermeldt een pensioenreserve van € 600.000. Bij de activa staat vermeld: een vordering van de BV van € 600.000 op …de DGA. Deze heeft dat bedrag gebruikt voor zijn woning: dat geld zit dus in de steentjes. De verdere balans laten we gemakshalve buiten beschouwing, waarbij activa en passiva elkaar aardig in balans houden. In de pensioenbrief staat vermeld dat de ‘werknemer’ (DGA) vanaf pensioendatum recht heeft op een nabestaandenpensioen van € 100.000. Bij zijn overlijden – ongeacht wanneer het plaats vindt: voor of na de pensioendatum – heeft zijn partner recht op € 70.000 per jaar. Als deze DGA komt te overlijden op 50-jarige leeftijd dan zal er in ieder geval een voorziening moeten zijn van ruim 1,1 miljoen euro. Maar de BV zal ook werkelijk dat geld uit moeten gaan keren aan de nabestaande partner; belangrijker is het antwoord op de vraag of de liquiditeit er zal zijn.

Afzien = afzien
Het kan gebeuren dat de nabestaande partner het nabestaandenpensioen niet per se nodig heeft, bijvoorbeeld omdat deze partner eigen inkomsten heeft of wanneer er voldoende privévermogen is. De oplossing lijkt dan om eenvoudigweg die partner aan de BV te laten verklaren dat deze afziet van de pensioenrechten. Dat levert echter een fiscale hobbel op. In principe kan de Belastingdienst dit zien als ‘afkoop van pensioen’, zij het tegen € 0,00 vergoeding. In dat geval ziet de Belastingdienst het bedrag dat de grondslag vormt voor de uitkeringen – in bovenvermeld voorbeeld 1,1 miljoen euro – als loon en moet de nabestaande daarover loon-, respectievelijk inkomstenbelasting betalen. Bovendien valt dan de voorziening binnen de BV vrij, wat ‘winst’ oplevert en dus heffing van vennootschapsbelasting.

Zomaar afzien van pensioen kan dus forse financiële consequenties hebben. Er is voor dat geval maar één escape: de Belastingdienst aantonen dat ‘het pensioen niet voor verwezenlijking vatbaar is’.

Regelen
Om deze problemen bij overlijden van de DGA voor de pensioendatum te voorkomen, kan in de pensioenbrief worden opgenomen dat er alleen een nabestaandenpensioen geregeld is bij overlijden ná pensioendatum. Let op! Bij overlijden van de DGA vóór de pensioendatum heeft de partner dan echter geen recht op pensioen en valt – fiscaal – de pensioenvoorziening vrij. In eerder gemeld voorbeeld het bedrag van € 600.000.

Als de DGA serieus zijn nabestaande(n) pensioen wil toezeggen, maar de BV kan de financiële consequenties niet dragen, dan zou op zijn minst een deel van dat risico verzekerd kunnen worden via een overlijdensrisicoverzekering. Om dat te regelen zijn er verschillende mogelijkheden. Die mogelijkheden belichten wij in een van de volgende nieuwsbrieven.