Augustus 2009 - Gebruikelijk loon
Als DGA dient u op zakelijke basis te handelen met uw eigen vennootschap. Handelt u onzakelijk, dan vindt er fiscaal een correctie plaats. Om een correctie bij een te laag loon mogelijk te maken, is de gebruikelijk loonregeling met ingang van 1 januari 1997 ingevoerd. Op grond van deze gebruikelijk loonregeling dient de DGA voor de heffing van loonbelasting en premie volksverzekeringen een bepaald loonbedrag in aanmerking genomen, los van wat feitelijk aan loon wordt uitbetaald.V
Het in aanmerking te nemen loon mag niet in belangrijke mate afwijkt van het loon van vergelijkbare werknemers die geen DGA zijn. Hierbij geldt in beginsel een ondergrens van € 40.000 (jaar 2009) of, indien aannemelijk is dat een lager loon gebruikelijk is bij vergelijkbare werknemers die geen DGA zijn, dit lagere loon. In dat geval rust de bewijslast op uzelf.
Op de gebruikelijk loonregeling werd en wordt veel kritiek geleverd. Uit de notitie Fiscale positie DGA blijkt dat de staatssecretaris slechts op één punt bereid is een verzachting aan te brengen. Voorgesteld is dat de gebruikelijk loonregeling niet van toepassing is als het gebruikelijke loon niet hoger is dan € 5.000 per jaar, zie DGA Fiscaal mei 2009.
De discussies omtrent de hoogte van het gebruikelijk loon zullen dus blijven voortduren.
Procedure
In een zaak die recent diende voor Rechtbank Haarlem is uitspraak gedaan over de hoogte van het gebruikelijk loon dat een DGA in het jaar 2004 in aanmerking moest nemen voor zijn werkzaamheden voor zijn BV. Deze DGA was directeurschap van zijn eigen BV maar was bovendien sinds 9 april 2004 voltijds in loondienst bij een andere werkgever. Het salaris uit die dienstbetrekking bedroeg circa € 76.000. De inspecteur oordeelde dat deze DGA toch een gebruikelijk koon in aanmerking diende te nemen van € 38.118 (het standaardbedrag voor 2004). De DGA vond dat het in aanmerking te nemen gebruikelijk loon aanzienlijk lager moest worden vastgesteld: naast zijn drukke werkzaamheden in het externe dienstverband bleef immers weinig tijd over voor werkzaamheden voor zijn eigen BV. Hij overlegde daarbij een aantal weekstaten van zijn dienstbetrekking. Ook had zijn externe werkgever schriftelijk verklaard dat het zonder officiële toestemming medewerkers niet was toegestaan om nevenactiviteiten te verrichten.
Bewijslast
De rechtbank stelde dat de DGA aannemelijk moet maken dat een lager gebruikelijk loon van toepassing is dat het wettelijk (standaard)bedrag. Gezien de feiten en omstandigheden oordeelde de rechtbank dat de DGA aannemelijk had gemaakt dat hij vanaf 9 april 2004 slechts op beperkte schaal werkzaamheden voor de BV kon verrichten. Voor de periode tot 9 april 2004 moest wel het volledige gebruikelijk loon naar evenredigheid in aanmerking worden genomen. De rechtbank verklaarde het beroep van de DGA daarom uiteindelijk toch ongegrond. Het gebruikelijk loon over de periode 1 januari tot 9 april 2004 kwam immers niet uit op een lager belastbaar bedrag dan de inspecteur in de belastingaanslag al had vastgesteld.

